Home icon Home»

Kollumns

Follow us on Twitter

kollums

Column Karel Hubert: uitgereden

Als een blad aan een nieuwe levensfase begint, is het goed terug te kijken. Niet op Tiger, maar op het eigen leven. Ik schreef in Het Vrije Volk al over motorfietsen voordat ik het motorrijden ging beoefenen. In 1969 kocht ik mijn eerste motorfiets, een Triumph TR6 Trophy. Daarna volgden een Yamaha DT250, Yamaha DT125, Moto Guzzi Stornello 160, Moto Guzzi Falcone, Moto Guzzi California, Moto Guzzi LeMans III, Yamaha TR1, Yamaha Custom 1000 Gold, Yamaha XT500, Yamaha XS650, Yamaha TY250, Suzuki Katana 650, Ossa 350, Honda XR250, Yamaha XS750, Suzuki VX800, MZ Skorpion, Honda Transalp (2x), Honda Africa Twin, Yamaha FZ750 (5 valve), Triumph 350 in legeruitmonstering, Harley-Davidson ElectraGlide, Yamaha XJR 1300, Aprilia CapoNord, Triumph Trident 900, Triumph Daytona 900, Triumph Tiger 900, Yamaha TDM 850, Aprilia Leonardo 250, Aprilia RSV Mille, Ducati SS1000, Triumph Bonneville 800, Suzuki V-Strom 1000, Yamaha MT-01, Yamaha FJR1300, Honda CBF1000, Vespa 250, Yamaha T-Max, Triumph Tiger 1050, Yamaha SuperTénéré 1200, Triumph Tiger 800, Triumph Scrambler en Suzuki V-Strom 650.

Je ziet het: ik ben buitengewoon merktrouw en altijd verzot op een en hetzelfde type motorrijwiel. En ik heb een goed motorisch geheugen. Mijn favoriete verdeler Nico van de Kuinder werd wel gek van de inruilsnelheid en wist wat hem te doen stond als ik soms na een paar dagen met de nieuwe aankoop terugkeerde met de constatering 'erg interessante motor, maar voor iemand anders'. Hij had een paar klanten die regelmatig informeerden of ik alweer wat had ingeruild, hopend op een koopje.

Ik laat u genieten van dit lijstje omdat het aangeeft dat ik in 45 jaar precies 45 motorfietsen heb bezeten, een keurig gemiddelde van 1 brommer per jaar. Statistisch gezien is Yamaha mijn favoriete merk (14 x), gevolgd door Triumph (9) en Honda (5). Maar mijn mooiste herinneringen kleven aan de Triumphs, domweg omdat ik op die motorfietsen altijd de liefste vrouwen achterop heb gehad, echtgenotes, vriendinnen en dames waarvan ik hoopte dat het vriendinnen zouden worden. Of het iets met het merk te maken heeft, betwijfel ik, hoewel een vriendin ooit zei dat ze me niet op een andere motorfiets kon voorstellen. Maar opvallend is het wel.

Ik bedacht dit alles in de nostalgie die volgde op het afscheid nemen van mijn definitief laatste motorfiets. De ziekte van die andere Engelse ster (dr. Parkinson) maakt me net iets te onzeker om voort te gaan op twee wielen. En dus is daar dat afscheid, dat u allen ooit ook zult moeten nemen, ertoe gedwongen door ouderdom, ziekte, financiële rampspoed of een furieuze bedgenoot (m/v). Ik hoop dat u – terugkijkend – hetzelfde kunt zeggen als ik: het waren mooie, bijzondere tijden met voldoende hoogte- en dieptepunten om het leven spannend te maken. Dankzij de motorfiets in het algemeen en de Triumphs in het bijzonder hebben mijn dagen de lieve glans van het kleine en grote avontuur gekregen. Dat een toch simpel product dát kan bewerkstelligen, is een mirakel.

Karel Hubert

Karel-Hubert-Foto Edwin Venema
foto: Edwin Venema - Deze column verscheen eerder in Tiger, het clubblad van de Triumph Owners Club Nederland.

Dokter, is er iets mis met me?

Vorige week ontstond er een bijzonder en vervelend gevoel bij me, namelijk een enorme tweestrijd. Na een paar weken marktplaats advertentie werd er ineens gereageerd dat iemand interesse had in mijn motor...mijn geliefde, met zorg uitgekozen motor...hoe durft hij!!! Tegelijkertijd begreep ik hem ook wel weer, want wat is ze toch mooi! De emoties in mijn buik schreeuwden om de de geïnteresserde uit te schelden, de advertentie te verwijderen en mezelf vast te ketenen aan haar. Ratio zorgde ervoor dat ik dat niet deed en een afspraak maakte met de mogelijke nieuwe eigenaar. Hij stapte de auto uit en de twinkeling in zijn ogen verraadde acute buikvlinders...ik kende die blik bij mezelf maar al te goed. Na een korte proefrit, waar de man de sleutels uit mijn handen moest trekken, werd het beklonken. De vraagprijs werd betaald en na het indrukken van de startknop vervulde de dikke twin de omgeving haar luide roffel. Een duidelijke KLAK van de eerste versnelling zorgde voor beweging en in de minuut daarna zakte het geluid langzaam weg. Dag lieve schat... Uuuh dokter...wat gaat u met die spuit doen?!?

Hannibal  

De redding van de Superbikes?!

1988, het jaar dat motoren als de Soes GSXR, Kawa ZXR, Honda RC en Duc 851 het nieuwe geasfalteerde toneel van de Superbikes betraden. In de jaren die volgden produceerde deze klasse coureurs als Carl Fogarty, Aaron Slight (met hanekam), Colin Edwards, Noriyuki Haga, Ben Bostrom, John Kocinski en vele anderen. Allemaal bijzondere karakters om te zien als persoon of als coureur zijnde. De verschillen met de GP klasse waren overduidelijk; De ene was bijna hetzelfde als die in de lokale motorwinkel en de andere was een tweetakt proto type. Beide klassen waren razend populair en iedereen was blij. 

Toen kwam er onder andere meer electronica en veranderde de regels van de GP's (viertakt motoren). Het grote verschil werd niet meer merkbaar en de twee klassen werden meer van hetzelfde. De klasse met de meeste prestige (want dat is racen) zou winnen en met Rossi in de MotoGP was het een verloren race. Daarbij maakte de Superbikes zichzelf ondergeschikt. Als je als coureur geen MotoGP zitje kreeg, dan degradeerde je maar naar de Superbike klasse. Mede daardoor werd het een seniorenklasse met mannen als Biaggi, Corser, Haga, Bayliss en Checa. Samen met een slechte organisatie dat weinig bezieling heeft, lijkt het nu een onzichtbare klasse. Nieuwe eignaar Dorna zal de Superbike klasse weer op de kaart moeten zetten om er geld uit te halen. Helaas trekt Dorna weer een oude tactiek uit de borstzak, namelijk tv rechten. Ze proberen de races nu zo te plannen dat de MotoGP, Formule 1, Dakar, voetbal, darten, kegelen, klootschieten en ijsdansen niet gestoord worden door die vervelende Superbike en Supersport races. Hierdoor degraderen ze zichzelf weer. In plaats van gerommel in de marge, zou deze klasse juist weer onderscheidend kunnen worden door bijvoorbeeld 'back to basic' of juist 'toekomstgericht' (lees electrisch) kunnen gaan, zodat de kopers zich weer kunnen indentificeren met hun helden of iets nieuws gaan zien. Maar dan moet je investeren en anders leren denken...een gave die Dorna niet bezit...

Foggy

Hubert doet de Motorbladen: Bigtwin

Dit is een raar motorblad dat zich al 27 jaar titelmatig lijkt te beperken tot een bepaalde motorblokkensoort, maar zich vooral richt op liefhebbers van choppers, customs, cruisers en caféracers met (vooral) V-twins. Dit is – weten we – een subcultuur binnen de motorwereld, ooit exclusief bevolkt door Harley-rijders. Vroeger had Bigtwin ook nog iets van een magazine voor outlaws, maar dat rebelse is er in de loop van de jaren wel afgegaan. Het is vooral een soort schoolblad voor leerlingen van de Amerikaanse school.

Redactioneel is het behoorlijk belabberd, met veel taalfouten, rommelige zinsconstructies en het gebabbel waaraan ook de meeste andere motorbladen zich schuldig maken. Een enigszins ervaren eindredacteur is er kennelijk niet, maar die zou een dagtaak hebben aan het fatsoeneren van de teksten. Een redactieformule heb ik niet kunnen ontdekken: kennelijk krijgt alles wat wordt aangeboden een plekje. De chaotische vormgeving en de op schoolkrantniveau bedreven fotografie maken extra duidelijk dat het de redactie en de lezers kennelijk vooral te doen is om een soort clubhuissfeer. Dat geldt ook voor de talrijke adverteerders die er ongetwijfeld toe bijdragen dat het blad nog wel vele jaren kan bestaan.


Bigtwin kost € 5,95 en is zo exclusief bedoeld voor de eerder vermelde doelgroep dat motorrijders uit andere subculturen er echt geen enkele boeiende bladzijde in zullen vinden. Dat het al zolang de eigen doelgroep bedient, is wel een prestatie van formaat.

• journalistieke kwaliteit   5,5
• vormgeving                  5,5
• informatieve waarde     7,0 (voor de doelgroep)
• fotografie                     6,0
• EINDCIJFER                 6,0

Hubert-doet-de-motorbladen-Bigtwin

Dwarskijkers gezocht!

Omdenkers, dwarskijkers, kantelaars, stijfkoppen, etcetera, hebben de wereld verder gebracht dan waar die op dat moment stond. Wij noemen mensen als Einstein en Mandela, eerst verguisd, verstoten en niet serieus genomen. Uiteindelijk werden ze geroemd en kregen ze een legendarische status. In de motorwereld was dat John Britten, met zijn raar gevormde V1000 racemotor ging hij de gevestigde orde succesvol te lijf. Hij dacht anders dan de anderen, zo maakte hij gebruik van carbon, hing de radiator onder de zitting, bedacht een rare voorophanging, smeet het frame weg en kreeg data over hoe de motor werkte. Dingen die nu nog steeds gebruikt worden. Kijkend naar de afgelopen decennia zien we eigenlijk weinig spectaculaire nieuwe dingen. Yamaha's crossplane gaf even wat reuring en het seamless schakelen is best aardig, maar verder bestaat motorracen alleen maar uit verder evolueren van het bestaande. Natuurlijk gaat er binnen nu en enkele jaren wel één en ander gebeuren op het gebied van elektrische motoren, daar ontkomen we niet aan. Daarin zijn al veel vernieuwende mensen bezig, maar zij krijgen nog niet het toneel wat ze nodig hebben om die status van legende te krijgen. 

Iemand die nog lang niet de legende-status heeft bereikt, maar wel een dwarskijker is, is Erik Buell. Met bijzondere motoren, die echt wel anders waren dan andere motorfietsen, maar helaas sloegen de benzinehoudende frames, luchtfilterhoudende 'benzine'tanks en naafremmen onvoldoende aan. Zijn bedrijf ging ter ziele en alle overgebleven Buell's gingen de shredder in. Maar Erik is terug, hij heeft zich samengevoegd met de Indiase megafabriek Hero (50 miljoen voertuigen verkocht!) en noemt het nu Erik Buell Racing (EBR). Erik heeft vorig jaar meegereden in het AMA kampioenschap en heeft nu aangegeven dat hij in de World Superbikes wil rijden met zijn AMA coureurs Geoff May en Aaron Yates. Met vreugde namen dit nieuws tot ons, eindelijk weer een friskijker in de racerij! Maar kijkende naar het racewapen van Buell schrikken we wel een beetje. Het racewapen is namelijk een 'gewone' motor met 'gewoon' frame, 'gewone' vering etcetera. Het enige wat anders is, is de typerende Buell voorrem. Voor de rest is het niets anders dan een evolutie van bestaande techniek en vermoeden wij dat Buell niet de legende status zal halen. Maar laten wij het alstublieft verkeerd hebben!

EBR

Hubert doet de Motorbladen: MotoPlus

Wat is er in 's hemelsnaam met dat MotoPlus aan de hand? Powered by Motorrad staat erop en met de hulp van dat Germaanse blad begon Eric Bulsink (die gewoon Coen Verburg had moeten opvolgen bij Moto73) enige jaren geleden zijn eigen 14-daagse motorblad. Nog steeds staan er aardig wat uit het Duits vertaalde artikelen in (vooral grote vergelijkingstesten van motoren en accessoires), maar een Nederlandse versie van Motorrad is het allang niet meer. Waarop het dan wel lijkt? Geen idee: het brengt alles wat de andere bladen brengen in een nogal lawaaiige vormgeving, maar brengt niks extra. Het is – eerlijk is eerlijk – wel zo compleet dat je eigenlijk geen ander Nederlandstalig motorblad hoeft te lezen.

Wat het meeste stoort, is de totale afwezigheid van humor, mogelijk omdat kwinkslagen door de Duitse licentiegever in het contract verboden zijn. Dat blijkt vooral uit de volslagen nietszeggende column van ene Nikki van der Spek die zelfs door de eindredactie van Koffietijd geweigerd zou worden. Maar ook de toch behoorlijk geestige Bulsink weet van zijn voorwoord een soort notariële akte te maken. Ik heb altijd gedacht dat je op de motor stapt om plezier te hebben, maar MotoPlus is bittere ernst. Past misschien bij de malaise waarin de motorhandel verkeert, maar nondeju: glimlach ook eens!

Je krijgt voor weinig geld (€ 3,95) 100 bladzijden boordevol redelijk geschreven cq vertaalde artikelen. Een blad dat informeert, maar nooit amuseert. Dát is wat er met MotoPlus aan de hand is.

• journalistieke kwaliteit 7,0
• vormgeving                7,0
• informatieve waarde    8,0
• fotografie                   7,5
• EINDCIJFER                7,5

Hubert-doet-de-motorbladen-MotoPlus

Hubert doet de Motorbladen: Kicxstart

Tja. Dit was ooit het boze, onhandelbare rotjochie onder de motorbladen. Vol tatoeages, petje achterstevoren, knietjes aan de grond, wheelies in winkelstraten en een dikke opgestoken vinger naar de motorburgerij. De markt voor zo'n blad is zo'n beetje verdwenen en sinds Kicxstart is overgenomen door een brave Belgische uitgever (van o.a. Motorrijder), is de bravoure van weleer ingeruild voor knusse braafheid. Er wordt nu zelfs aandacht geschonken aan scooters, de tweewielige damestasjes van de motorwereld. Kicxstart is een motorblad geworden van het 13 in een dozijn-type. 'Nederlands grootste sportieve motorblad' staat er op de cover. Het zal wel. 'Nederlands zoveelste middle-of-the-road motorblad' lijkt me juister.

Is dat erg? Ja, dat is erg, maar in de moderne bladenmakerij is kennelijk geen plek voor gedrukte hooligans. In zijn huidige vorm is het een motorblad als alle andere. Netjes gemaakt, hoor, zonder veel fouten en in een keurige vormgeving (met een overigens irritant moderne leesletter). Met de gebruikelijke thema's: testen, sport, historie, reportages, techniek, columns van vaak inmiddels ook bejaarde sterren. Zonder toerverhalen, dat is kennelijk nog even een stap te ver.

Het blad is inmiddels aan zijn 23ste jaargang bezig, en zal wel voort blijven kabbelen, omdat het niet in de klauwen van een grote uitgever is gevallen. Maar de braafheid is pijnlijk. Misschien moet er in elk nummer uitgebreid teruggekeken worden op het eigen verleden. Dat lijkt me de enige manier om iets van de oude glorie vast te houden. Voor de rest is het gewoon het zoveelste blad dat niet duidelijk maakt waarom je in 's hemelsnaam een volgend nummer zou moeten kopen.

• journalistieke kwaliteit 7,0
• vormgeving 7.0
• informatieve waarde 6,5
• fotografie 6,5
• EINDCIJFER 6,5

Karel-Hubert-motorbladen-Kicxstart

Rick Schiet Raak: SERT in 2009 24H van Le Mans

Rick Jansen verzorgt voor Motopix.nl alle motorsportfoto's. Elke week kiest hij er eentje uit en legt hij uit hoe het zo mooi werd.

Wie/Wat/Wanneer? Le Mans, 19-04-2009, 08:01 uur. Na een super-succesvolle 24 uur Le Mans Moto 2008 (1e plaats), rijd Barry Veneman samen met Guillaume Dietrich en Vincent Phillipe de 2009 editie opnieuw voor het SERT Suzuki-team. Ze zouden uiteindelijk na een 24 uur durende strijd een fantastisch mooie 3e plaats behalen.
Op deze foto zie je Guillaume Dietrich die tijdens het begin van de ochtend net weer is opgestapt en wegrijdt na een korte pitstop.

Hoe? Zoals je misschien al is opgevallen is er duidelijk geflitst bij het maken van deze foto, ook heb ik gebruik gemaakt van een lage sluitertijd. Daarbij komt ook nog dat er gebruik is gemaakt van flitsen op het 2e gordijn*.

Camera: Nikon D2Xs. Lens: Sigma 15-30mm . EXIF info: Sluitertijd: 1/30. Diafragma: F6.3. ISO: 500.

RickSchietraak 2009 SERT 24H LeMans Dietrirch Veneman Philippe

Rick schiet Raak: Gevers Gas!

Rick Jansen verzorgt voor Motopix.nl alle motorsportfoto's. Elke week kiest hij er eentje uit en legt hij uit hoe het zo mooi werd.

Wie/Wat/Wanneer? Oss, 28-05-2012, 17:40 uur - Aan het einde van de middag is het de beurt aan de Dutch Superbike-rijders om hun kunsten te laten zien op het steeds verder volgebouwde stratencircuit van Oss. Hier in beeld; Randy Gevers op z'n Aprilia.

Hoe? Omdat je in Oss eigenlijk redelijk veel dezelfde platen schiet, is het juist een uitdaging om te gaan stoeien met de sluitertijd. Zoals op deze foto te zien is heb ik een lange sluitertijd gebruikt, om zo nog meer het idee te geven dat Gevers keihard voorbij scheert.
Als je een soortgelijke plaat wil maken dan kan ik je de volgende tip geven: gebruik als sluitertijd de snelheid van de motor; kortom rijd de motor 200km/h gebruik dan eens een sluitertijd van 1/200e. (vergeet niet mee te bewegen met de camera). Het is echter wel zo dat het resultaat steeds mooier wordt naarmate je steeds lager gaat met de sluitertijd, klein nadeel hiervan..... het is niet altijd even makkelijk om je camera dan perfect stil te houden.

Camera: Nikon D3. Lens: Nikon 300mm F2.8VR. EXIF info: Sluitertijd: 1/100. Diafragma: F10. ISO: 100.

Rick-schiet-Raak-Randy-Gevers-Oss

Hubert doet de Motorbladen: Motor Magazine

MOTOR bestaat 100 jaar en is het oudste motorblad van Nederland. Het is met een tot onder de 14.000 stuks gedaalde oplage griezelig klein geworden, met dank aan wanbeheer van de uitgever die ook het 6.000 nummers meer verkopende Moto73 naar God geholpen heeft. Ik ben in betere tijden ooit een tijdje hoofdredacteur ad interim geweest en volg het blad vanaf die periode op de voet. En ik vrees dat MOTOR door de uitgever binnenkort de nek omgedraaid wordt. Wat moet maxi-Sanoma met zo'n minititel? Ik bekeek nummer 21 en telde op de magere 84 pagina's precies 5½ pagina's met betaalde advertenties. De boekhouder zal zich wel ziek gemeld hebben.

Wat meteen opvalt , is dat MOTOR aanzienlijk beter vormgegeven is dan de andere titels en ruim baan maakt voor vaak uitstekende fotografie. De redactionele formule is simpel, met testen, nieuws, techniek, een beetje historie, een vaak prima toerverhaal en flink wat sport (wedstrijdverslagen). De artikelen lijden onder het in álle motorbladen heersende gezelligheidsvirus, maar het valt nog mee met het gebabbel. Alleen de door nogal wat lezers bewonderde Joost Overzee wenst geen normale zin te construeren en hanteert een soort jolige woordenschijterij die zijn verhalen voor een normale lezer volstrekt onleesbaar maken. Hij kán niet zonder vergelijkingen: 50cc meer is niet 50cc meer, maar een bromfietsblok erbij. Dat werk. Dat hij zo in zijn column schrijft, moet hij weten, in rijtesten is het afgrijselijk. De schrijver is kennelijk belangrijker dan de lezer, een doodzonde in de journalistiek. In algemene zin kan je zeggen dat vrijwel alle verhalen de helft korter zouden kunnen zonder aan informatiewaarde in te boeten; die van Overzee kunnen 70% korter.

Opvallend: in dit blad leiden de vergelijkingstesten zowaar wel tot een winnaar. Lullig denkend: als je zo weinig adverteerders hebt, hoef je ook niet bang zijn iemand voor het hoofd te stoten. Ik ben benieuwd hoe lang Motor nog bestaat. Misschien kan de uitgever van Bromfiets een bod doen.

• journalistieke kwaliteit 6,0
• vormgeving 8,5
• informatieve waarde 7,0
• fotografie 8,0
• EINDCIJFER 7,5

Hubert-doet-de-motorbladen-MotorMagazine