Home iconHome»Kollumns»Ollie Peilkens Serie 1»

Karel Hubert Presenteert: De avonturen van Ollie Peilkens - Deel 51

Follow us on Twitter

Karel Hubert Presenteert: De avonturen van Ollie Peilkens - Deel 51

Aflevering  51 – waarin een poolvorser berucht wordt

En wederom stonden de geleende busjes voor de deur om de huisraad en kantoortroep naar een nieuw adres te transporteren. We hadden aan de buitenzijde van de stad een voormalige slagerij gehuurd. Lekker handig: granieten vloeren en overal putjes om het bloed snel weg te kunnen spuiten. De helft van de tent werd ingericht als kroeg, compleet met bar, tapinstallatie en krukken. De andere helft was voor De Zes en één van hen, Jean, ging met verloofde en kinderen boven de winkel wonen. Waarom we in ’s hemelsnaam weer verhuisden? Ach, het was een simpele manier om het leven ietwat spannender te maken. En er diende zich een mogelijkheid voor mij aan om vanuit Amsterdam naar een riant, ietwat wrak herenhuis in het nobele Bussum te verkassen. Het idee was om daar een soort commune te vestigen, maar na één week bleek niemand van het geselecteerde gezelschap het met mij uit te houden, dus het werd al rap een wel erg grote eenpersoons villa.
Karel_Hubert

Ons nieuwe kantoor bevond zich op de naar poolvorser Robert Scott vernoemde straat, recht tegenover de kerk. Naast ons zat de studio van de fameuze fotograaf Cornelis Snorkeldal die zich bekwaamd had in het maken van foto’s op het ietwat incourante formaat van 180 bij120 centimeter. Let wel: dat waren de afmetingen van de negatieven! In zijn studio reed een camera dan ook op spoorrails. De besnorde, manische man werkte al tijden voor ons, deed de meest vreemde fotografische zaken en combineerde technische nieuwsgierigheid met een ietwat zonderlinge inventiviteit. Zo bracht hij ooit bij een wel erg toeschietelijk model een flitsbuis in om te zien of hij op de daarna gemaakte foto haar ingewanden kon zien. Het antwoord was nee, maar het model wilde graag nog wat kiekjes op deze manier gemaakt hebben. Voor de kinderen, zeg maar.

Onze klanten ontdekten al zeer snel dat het zin had om op vrijdagmiddag voor onduidelijke zaken bij ons op kantoor af te spreken. Ze konden zich daar kosteloos laten vollopen en er waren zoveel gewillige meisjes en vrouwen aanwezig dat het weekeinde ook meestal wel ingeluid kon worden met wat ritmisch bewegen. De pastoor van de buurtkerk kwam ons na een maandje vriendelijk vragen of onze bezoekers het wat minder vaak tegen de kerkmuur wilden doen en hij bedoelde met ‘het’ nu eens niet wateren.

Achter de bar stonden steeds vaker twee motorrijders die bij de Hells Angels hoorden of er minimaal uitzagen alsof dat zo was. Ze waren ooit eens binnen komen lopen om verhaal te halen over een test die ik in De Harde Heraut over een Harley had geschreven, maar waren echte vrienden geworden. De test had een veel geciteerde slotzin: “Als je gek bent op zulke verouderde techniek, is misschien sex met je opoe ook een goed idee”. Het leverde mij een brief op van autoredacteur Meulman: “Bravo! Een nieuw dieptepunt in een loopbaan die al beneden peil was. Wat een lulverhaal!”

Er werd wel historie geschreven met een poging een bijzonder record te vestigen: Jean, getalenteerd werper, gooide met een enorme boog een rauw ei naar mij toe en ik moest – rijdend op een te testen motorfiets – dat ei vangen zonder het te breken. We gokten op een afstand van 70 meter, maar na een aantal mislukte pogingen, zat ik zo totaal onder het struif dat de enige gelukte actie ten slotte over een afstand van twintig centimeter ging: Jean reikte mij het eitje bij het passeren aan.

Was er nog meer schokkends? Ach, nee. Ik had mijn autorijbewijs gehaald en me net als Jean een toen al klassieke Rover 3500 aangeschaft. Puike saloon, die nog een kraantje had, waarmee je de reserve van de benzinetank kon openen. Het ding had maar één makke: hij remde niet in de regen. Jean had al eens een dametje in een Renaultje dat keurig voor een rood stoplicht stond te wachten als een biljartbal over het kruispunt gecaramboleerd omdat zijn remmen wel piepten, maar niets deden. Ik rolde er wat later in de regen 70 meter vangrail mee op en scheurde daarbij mijn enkelbanden af. Het was tijd weer op de motor te stappen.

Ollie Peilkens is er nu ook als boek. Wie een exemplaar met de eerste 52 delen van De avonturen van Ollie Peilkens wil aanschaffen (€ 20,- incl. verzendkosten) moet even mailen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.