Home iconHome»Kollumns»Ollie Peilkens Serie 2»

Karel Hubert Presenteert: De verdere avonturen van Ollie Peilkens - Deel 18

Follow us on Twitter

Karel Hubert Presenteert: De verdere avonturen van Ollie Peilkens - Deel 18

Hoofdstuk 18 – waarin Ollie’s ballen er bijna afvriezen

Heeft u het weleens koud gehad? Ik bedoel: zo koud dat je naar binnen plast als je ‘m uit de pantalon zou halen? Zo fris dat het kraakt als je op de grond spuwt? Zo koel dat niet je brilleglazen maar je oogbollen beslaan? Nou, ik wel en er was slechts een tripje naar het noorden van Finland voor nodig om deze ervaringen op te doen. Dat tripje begon met een verzoek van motorverdeler Klundert die zijn zinnen had gezet op het verwerven van de invoerrechten van een foeilelijke crosskledij producerend Fins bedrijf dat luisterde naar de ridicule naam Minisaldo. Het leek hem een goed idee mij mee te nemen, voorzien van de titel marketingdirecteur, zodat de Finnen het idee kregen met de directie van een megaconcern in gesprek te zijn en niet met de beheerder van een naar benzine riekende fietsenstalling. Na aankomst bleken de Finnen zo straalbezopen dat Klundert in zijn zwembroek had kunnen verschijnen zonder argwaan te wekken. Het eerste gesprek vond in de gekende badplaats Tampeloeris plaats en begon met een lunch. Onze gesprekspartners hadden er al een ontbijtje met wodka en bier opzitten en kozen voor een salade...
Karel_Hubert

Als culinair ervaren tafelgenoot liet ik zien de Finse keuken goed te kennen door meteen een fles dressing over de salade te mieteren. Dat bevreemdde de Finnen zeer, aangezien het geen dressing betrof, maar een saus die in een latere fase over een plaatselijk gebakje gegoten moest worden. Maar uit dronkenschap en beleefdheid volgden ze mijn voorbeeld, zodat de hele club een bizarre combi van garnalen met zoete bessensaus zat weg te duwen. Bij het verlaten van de eetzaal vroren mijn ballen er zo ongeveer af, want het was inmiddels donker en nóg kouder geworden.  De Finnen liepen met hun op drank lopende verwarming met de jassen open door de vrieslucht, maar Klundert en ik, beiden door een genetisch foutje bij paps goeddeels van ons haar verlost, wisten niet hou snel we een petje op moesten zetten.

 

De Minisaldo-mannen hadden ons ondergebracht in een zeer luxe hotel aan het stijf bevroren meer . Het viel ons al op dat vrijwel iedereen met een rood mutsje opliep, maar we keken inmiddels nergens meer vreemd van op.  Het was een obscure feestdag die een vrijbrief bleek te zijn om de normaal achterover geklokte hoeveelheid drank te verdubbelen. In de discotheek van Tampeloeris  waren de jongens en meiskes zo dronken dat ze elkaar stevig moesten vasthouden om niet ruggelings op de dansvloer te lazeren. Omdat Klundert en ik geen mutsjes droegen, wist iedereen meteen dat we vreemden waren, hetgeen kennelijk sterk erotiserend werkte. Ik duwde de eerste dweil met lebberneigingen van me af en zag hoe zij direct omviel. Dat bracht een al even dronken jongeman op het idee om maar eens naar me uit te halen. Ik bukte, waardoor de wilde zwaai op het gelaat van een Fin terecht kwam die ook al meteen plat ging. Nu mag ik een massale kloppartij graag zien ontstaan, maar dat gebeurde niet: iedereen sloeg armen om elkaar heen, liet nog eens inschenken en ging lekker verder met feestvieren. Even later kwamen de Minisaldo-mannen binnen, verklaarden Klundert tot officieel importeur en bestelden een fles wodka. Toen ze een uurtje later afscheid namen, moest je ze ver van open vuur afhouden om het ontploffingsgevaar te minimaliseren.

Ik werd twee meisjes later wakker en keek in het gelukzalige gelaat van mijn eerste Finse. ‘Fuck me!’zei ze, naar even later bleek omdat een andere vrijer haar had wijsgemaakt dat dit ‘goedemorgen’ betekende. Stijlloos natuurlijk.


Link: De avonturen van Ollie Peilkens (deel 1 t/m 52)
Link: De verdere avonturen van Ollie Peilkens (deel 1 t/m heden)