Karel Hubert presenteert: De verdere avonturen van Ollie Peilkens- Deel 42

Hoofdstuk 42 – waarin Peilkens de Nobelprijs net misloopt

Bent u qua periode nog een beetje bij? De overname van De Drie door het infame StrappHoneycunt vond plaats in 1992, hetzelfde jaar waarin geruchten gingen dat Ollie Peilkens de Nobelprijs zou gaan winnen. In welke categorie was nog niet helder, maar het zou zeker voor een nieuwe categorie bezigheden zijn. Gezien mijn ‘recalcitrante kutkarakter’ (citaat van motorverdeler Klundert, altijd een echte vriend) was de Nobelprijs voor de Vrede onwaarschijnlijk en of het Noorse comité speciaal voor Peilkens de Nobelprijs voor de Lulkoek (ideetje van Koos Meulman) in het leven wilde roepen, was dubieus. Waar die geruchten van een grote prijs vandaan kwamen? Van mijzelf natuurlijk! Ik hengelde naar een literaire onderscheiding of een lintje, omdat ik ouder was dan toen ik  jong was en hunkerde naar erkenning. U ziet het, ik kan heel goed eerlijk zijn tegenover mijzelf, al gaat het tegenover anderen een stuk minder soepel.

 

Nu bestond er in die tijd een hele trits aan prijzen die aan mensen werden geschonken die iets liefs voor motorrijdend Nederland hadden gedaan. De Koninklijke Nederduitse Helmdragers Bond (KNHB) bijvoorbeeld kende jaarlijks de Pastoor Fröbelprijs toe aan de man die het beste – en ik citeer -  ‘het motorrijden in het reine brengt met het geloof’. De Zuid-Vaderlandse Zandhappers Vereniging (ZVZV) bracht daar de Prins Pothelm Award tegenin voor de beste motorcrosser onder de Prinsen Carnaval. Maar de P.C. Hooftprijs van motorrijdend Nederland was de Dr. Kersenboom Award. Dit fraaie bronzen beeldje van een motorrijder die tegen een kersenboom leunt werd onregelmatig uitgereikt aan iemand die er met tomeloze inzet en talent in geslaagd was de beeldvorming rondom het motorrijden een positieve impuls te geven. U begrijpt dat ik ook hier citeer. De prijs was vernoemd naar de vroegere voorzitter van de Stoma, de Stichting Onderdelen, Motorbanden en Aanhangers die de belangen van alle met de motorwereld verbonden importbedrijven vertegenwoordigde.

 

Ik had in die tijd een prima contact met de interimvoorzitter van de Stoma, de elegante Peter Pierkens. De man had gemeend zijn tijdelijke functie te moeten vieren door een motorrijbewijs te halen en bleef ondanks verscheidene smakken en tuimelingen volharden in de opinie dat motorrijden leuk was. Op een dag vroeg hij me of ik iemand wist aan wie de Dr. Kersenboom Award toegekend kon worden. De prijs was sinds het instellen ervan in 1967 slechts drie keer uitgereikt: aan de motoragent in het algemeen (omdat de toenmalige Stoma-voorzitter anders zijn autorijbewijs kwijt was), aan Gerry Schavolten van De Volkshoon (omdat er anders lullig over de Stoma bericht zou worden) en aan de invoerder van Dnjepr-motorfietsen (omdat anders de relatie tussen de nieuwe Stoma-voorzitter en een Russische snol bekend zou worden). “Eigenlijk vind ik dat die prijs mij zelf wel toekomt!”, zei ik hautain. “Ik schrijf al ruim 20 jaar dat motorfietsen mooi zijn en motorrijders lelijk, dat mag wel eens beloond worden. Bovendien: weet jij een beter iemand?” Dat wist Pierkens natuurlijk niet.

Tijdens de Stoma Motorfietsexpositie van 1992 (toen nog een verzameltentoonstelling van alles wat minder dan vier wielen had, inclusief stepjes, driewielers en brommers) werd een select gezelschap uitgenodigd om bij de uitreiking van de Dr. Kersenboom Award aanwezig te zijn. Ik meldde verhinderd te zijn, maar werd toen zo op het hart gedrukt toch te komen, dat ik wel wist wat me te wachten stond. Pierkens loog een meesterlijk betoog bijeen, waarin hij meldde dat het voltallige Stoma-bestuur Ollie Peilkens had voorgedragen. Omdat genoemd bestuur nogal zuinigjes zat te glimlachen, wist ik dat de leden gechanteerd waren. Geen idee wat Pierkens van de leden wist, maar het was voldoende om aartsvijand Peilkens aan een Award te helpen. Schavolten, present, feliciteerde me uitbundig. “Ze hebben mij als ex-winnaar gevraagd wat ik ervan zou vinden als jij de prijs ook kreeg. Nou, ik heb gezegd dat ik mijn beeldje dan zou terugsturen. Dat vonden ze zo’n goed idee, dat je meteen brede steun kreeg. Maar het is je gegund, hoor. Als je goed kijkt zie je nog dat mijn naam uit het sokkeltje is gefreesd.” Nou en? Ik had’m!

Link: De avonturen van Ollie Peilkens deel 1 tm 52

Link: De verdere avonturen van Ollie Peilkens deel 1 tm heden

Karel Hubert presenteert: De verdere avonturen van Ollie Peilkens- Deel 42

Peilers

peilers

sjop